Om goed overwogen beslissingen te kunnen nemen is het belangrijk dat we een zeer duidelijk beeld hebben over welke handelingen er in de zorg bij het levenseinde mogelijk zijn, de intenties en de consequenties ervan.

Over de diverse handelingen bij het levenseinde bestaat zeer veel verwarring. De Federatie Palliatieve Zorg Vlaanderen heeft daar trachten op in te spelen door een brochure samen te stellen waarin duidelijk omschreven staat waar alle in omgang zijnde begrippen precies voor staan: een duidelijk begrippenkader.

Brochure medisch begeleid sterven

Voor wie niet de mogelijkheid heeft zich te verdiepen in deze brochure, geven we een kort overzicht van termen die gehanteerd worden in het kader van levenseindebeslissingen.

Terminologie

Niet -behandelbeslissing

Het staken of nalaten van een curatieve of levensverlengende behandeling omdat deze behandeling in de gegeven situatie als niet langer zinvol of doeltreffend wordt beoordeeld.

Weigering van behandeling

Het staken of nalaten van een curatieve of levensverlengende behandeling omdat de patiënt deze behandeling weigert

Pijnbestrijding

Het toedienen van analgetica en/of andere medicatie in doseringen en combinaties vereist om pijn op adequate wijze te controleren

Palliatieve sedatie

Het toedienen van sedativa in doseringen die vereist zijn om het bewustzijn van een terminale patiënt zoveel te verlagen als nodig om één of meerdere refractaire symptomen (weerbarstige) op adequate wijze te controleren.

Euthanasie

Opzettelijk levensbeëindigend handelen door een andere dan betrokkene, op diens verzoek.

Hulp bij zelfdoding

Opzettelijk meewerken aan een opzettelijk levensbeëindigend handelen door de betrokkene.

Actieve levensbeëindiging zonder verzoek

Opzettelijk levensbeëindigend handelen door een andere dan betrokkene, niet op diens verzoek.

 

Pijnbestrijding

Palliatieve sedatie

Actieve levensbeëindiging

Intentie

Symptoombehandeling Symptoombehandeling Levensbeëindiging

Handeling

Zoveel medicatie als nodig om pijn onder controle te krijgen

(proportionaliteit)

Zoveel medicatie als nodig om symptoom onder controle te krijgen (proportionaliteit) Zoveel medicatie als nodig om leven te beëindigen

Resultaat

Levensverkorting zeer uitzonderlijk (levensverlenging daarentegen niet) Levensverkorting uitzonderlijk Levensbeëindiging (per definitie)

Bron: ‘Medisch begeleid sterven’, een begrippenkader, Federatie Palliatieve Zorg Vlaanderen, 2006

Tweede arts

De arts die in het kader van een euthanasiesituatie als bijgeroepen medicus mede oordeelt over de ontvankelijkheid van het euthanasieverzoek. Deze arts onderzoekt ook de patiënt en zijn bevindingen worden bij het euthanasiedossier gevoegd.

Derde arts

De arts die in het kader van een euthanasievraag, bij een situatie waarin het niet om een terminale aandoening handelt, als tweede bijgeroepen medicus mede oordeelt over de ontvankelijkheid van het euthanasieverzoek. Ook deze arts onderzoekt de patiënt en ook zijn bevindingen worden bij het dossier gevoegd.

LEIF-arts

LEIF is een afkorting van ’Levenseinde-Informatie-Forum’.
Een LEIF-arts is een geneesheer die zich toelegt op de problematiek van en de beslissingen rond het levenseinde. Deze artsen kunnen gecontacteerd worden in verband met deze problematiek. Belangrijk is dat deze artsen niet noodzakelijk bereid zijn om als tweede arts in een euthanasiesituatie op te treden.

 

Bron: ‘Beslissingen rond het levenseinde’, Denk- en werkgroep Lethe, HVRT,2003